FinancieelMagazine
Nederlands

Eén inflatiecijfer, verschillende boodschappenmandjes

Redactie Financieel Magazine

Tien-eurobiljetten met muntstukken van tien eurocent.
Biljetten van tien euro met euromunten. Beeldcredits

Een gemiddelde prijsstijging hoeft niet gelijk te zijn aan de stijging van jouw eigen uitgaven. Welke aankopen zwaar meetellen, maakt verschil. Twee verzonnen mandjes laten zien waarom.

A (+10%): Mandje 1: 80 → 88; Mandje 2: 20 → 22

B (gelijk): Mandje 1: 20 → 20; Mandje 2: 80 → 80

Totaal: Mandje 1: 100 → 108 (+8%); Mandje 2: 100 → 102 (+2%)

Fictieve eurobedragen: A stijgt met 10%, B blijft gelijk.

Dezelfde prijsverandering, andere verhouding

Stel dat een vast mandje uit slechts twee posten bestaat. Eerst kost post A 80 euro en post B 20 euro: samen 100. De prijs van A stijgt tien procent, B blijft gelijk. Hetzelfde mandje kost daarna 88 plus 20, dus 108 euro. De stijging van het totaal is acht procent.

Maak een tweede fictief mandje met dezelfde soorten posten, maar een andere verhouding: A kost 20 euro en B 80. Ook hier stijgt A tien procent en blijft B gelijk. Nu kom je op 22 plus 80, dus 102 euro. Het totaal stijgt twee procent. De prijsverandering is gelijk; de samenstelling van de uitgaven verschilt.

Waar de gewichten voor dienen

De consumentenprijsindex van het CBS volgt de prijzen van goederen en diensten die Nederlandse huishoudens gemiddeld kopen. De uitgaven vormen het uitgangspunt voor de weging. Het CBS past het wegingsschema jaarlijks aan, omdat bestedingspatronen veranderen.

Ons voorbeeld met twee vaste posten is geen nabouw van de volledige CBS-berekening. Het maakt één principe zichtbaar: een prijsverandering telt zwaarder mee als een groter deel van het mandje eraan wordt besteed. Een cijfer voor alle huishoudens kan daarom een ander verloop laten zien dan één afzonderlijk uitgavenpatroon.

Gelijke inhoud: prijzen kunnen veranderen.

Andere inhoud: aantallen of producten veranderen.

Het totaal alleen vertelt niet waardoor de kassabon stijgt.

Een kassabon is nog geen prijsindex

Ook een hoger totaal op een eigen kassabon bewijst niet op zichzelf dat de prijzen evenveel stegen. Misschien kocht je meer, of koos je andere producten. In de gedachteproef houden we de inhoud juist vast om alleen het effect van een prijsverandering te bekijken.

Bij een inflatiecijfer helpt dus de vraag: van welk mandje wordt de verandering gemeten? Bij je eigen uitgaven komt daar nog een vraag bij: is de inhoud gelijk gebleven? Eerst de vergelijking duidelijk maken, dan het percentage lezen. Acht en twee procent passen hier allebei bij een prijsstijging van tien procent voor post A.

Bronnen en beeldverantwoording →

AI-sfeerbeeld: Boodschappen in een mand, vastgehouden door oudere handen.
Boodschappen in een mand, vastgehouden door oudere handen. AI-beeld ter illustratie. Beeldcredits

Bronnen en beeldcredits

Beeldcredits 1

Foto: Santeri Viinamäki / Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · Beeldbron

Beeldcredits 2

Rubrieken

HomeEconomieBeleggenOndernemenGeld & renteCryptoKoersenAlle verhalen